Natuurdagboek

 

Winter  Lente  Zomer  Herfst
 2009/2010
 2010/2011

 2011/2012
 2012/2013

 
2013/2014
 
2014/2015
 2015/2016

 2016/2017
 2017/2018
 2009
 2010
 2011
 2012
 2013

 2014
 2015

 2016
 2017
 2018
2009
2010
2011
2012
2013
2014
2015
2016
2017
 2009
 2010
 2011
 2012
 2013
 2014
 
2015  
 
2016
 2017

 

 

 

Winter 2017-2018

 

Denk je onjuistheden in deze dagboeknotities tegen te komen, meldt dit dan even via mijn mailadres tineke (apenstaartje) natuurfragmenten (punt) nl.
Bij voorbaat dank!

 

20 maart 2018

Gelukkig, de laatste dag van de winter. Het lijkt wel of iedereen snakt naar het voorjaar. In het bos kan het op de diverse tijdstippen van het jaar zo verschillend zijn. Momenteel is het er een uitgedroogd, dor en rommelig geheel. Er is veel blijk van stormschade, her en der liggen stammen op de grond. Je zou de nieuwe blaadjes van de beuken wel uit de takken willen kijken.

Langs de Lange Juffer ligt overal gekapt hout. Op grond van Twickel is de Lange Juffer geasfalteerd, in Hagenau (van NM) gaat het pad weer over in zand.

Af en toe krijgt iemand toestemming een boom te verzagen en te kloven om er haardhout van te maken. Wie zou daar nog aan willen beginnen nu er initiatieven ontstaan om houtkachels te verbieden vanwege luchtvervuiling?

Op deze plek stond een aangenaam houten bank waar bijna altijd mensen zaten. Ouderen die er aan het rusten waren na een boswandeling, mensen die elkaar tegen kwamen en wat te bepraten hadden, hondenuitlaters, enzovoort. De klassieke bosbank met rugleuning is nu verwijderd en vervangen door een strak, modern en minimalistisch geval dat veel minder uitnodigend is en zeker minder gebruikt zal gaan worden doordat het niet bepaald comfortabel is. Jammer hoor! En waarom dat nou toch nodig was......

17 maart 2018

Ons tuinjuweel is, gedreven door honger, weer terug op de voerplank. De Goudvink (Pyrrhula pyrrhula) leeft van knoppen en zaden dus vaak hebben we geluk: we hebben een krentenboom met knoppen waar hij dol op is en we voeren zaden. Hoewel je hem zelden ziet vanwege zijn schuwheid is het toch een algemene soort op de Veluwse zandgronden met naaldbos. Het is de enige vink die het jaar door samen blijft met het vrouwtje. De vogels hebben het momenteel behoorlijk zwaar nu de natuurontwikkeling zo gefrustreerd wordt door de weersomstandigheden. En binnenkort begint toch echt de broedtijd. Ik heb maar de hand over het hart gestreken en besloten de vogels om ons heen even te helpen in een goede conditie te komen door het aanbieden van kracht- of eivoer. Het lijkt me in de huidige situatie, vooral voor de insecteneters wel toelaatbaar. Je kunt het kopen bij de dierenwinkels en het is niet goedkoop. www.voerdenatuur.nl/product/eivoer-witte-molen-met-honing/  Speciaal insectenvoer is trouwens een prima alternatief.

De zaadeters onder de vogels zijn het beste af in onze tuinen vol voedertafels. Met hun krachtige snavels kunnen ze met gemak de pitten uit hun jasjes halen. De Groenling (Chloris choloris) is een lid uit de familie vinkachtigen, net als de Goudvink en de Boekvink.  Groenlingen zijn wat plompe vogels met zeer dikke snavels die uitermate geschikt zijn voor het pellen van grotere zaden als zonnepitten en beukennoten. De meeste groenlingen blijven 's winters in ons land en zwerven rond op zoek naara voedsel.

De Vink Fringilla coelebs, ook Boekvink of Botvink genoemd is de meest algemene vinkensoort in ons land. Deze is ook degene die de bekende "vinkenslag" voortbrengt. Waar de ene mens gelukzalig de eerste merelzang aanhoort, luistert de ander verrukt naar de eerste vinkenslag. De vinken zijn dol op beukennootjes en je ziet ze dus altijd op de bosbodum scharrelen In de winter trekken ze veelal naar de tuinen waar ze genoeg van hun gading kunnen vinden. Let eens op hoe ze zich voortbewegen: de mus hipt maar de vink tript.

Kool- en pimpelmezen zijn er natuurlijk ook nog steeds. Ik vond dit een grappig plaatje van een koolmeesje dat driftig bezig was een zonnepit te ontmantelen. Daarvoor zet hij de pit vast tussen zijn poten en hakt er dan op los of zijn leven er vanaf hangt. Nou ja, in de huidige omstandigheden is dat ook wel zo.

Even dacht ik dat de sijsjes het voor gezien hielden maar vandaag zie ik ze weer massaal op het voer duiken. De Sijs (Spinus spinus) is kleiner dan de Koolmees, hij behoort tot de zangvogels en ook weer tot de vinkenfamilie. De zang klinkt meer als een gekwetter en vooral als ze met een grote groep in een boom of struik zitten levert dat een luid en vrolijk geluid op.

Gelukkig hebben we hier altijd mussen om ons heen. Lange tijd ging het met de Huismus (Passer domesticus) niet goed als gevolg van afname van voedsel en nestelplekken. Maar sinds enige jaren gaat het weer de goede kant op met ons gewoonste maar gezellige vogeltje, al staat het nog steeds op de Rode Lijst als "gevoelig". Zo, dit waren weer wat vogelportretjes, als het blad weer aan de boom zit, blijft er weer veel verborgen waarvan we nu nog volop en onbelemmerd kunnen genieten.

16 maart 2018

Wat een narigheid voor de tuinliefhebbers onder ons. Alweer een paar dagen stevige nachtvorst. Op zich zou dat niet zo erg zijn maar de afwisseling tussen zacht weer en vorst is funest voor sommige tuinplanten. De hortensia's zullen net als vorig jaar een flinke klap krijgen en onze Mahonia ziet er behoorlijk aangeslagen uit. Nog nooit eerder gezien. Vanmiddag maar weer opnieuw aan de slag met fleecedoek op de bloeiende bollen in de tuin te beschermen.

De roze Primula (babykleurtjes horen wat mij betreft bij het voorjaar) is op wonderbaarlijke wijze herrezen na de vorst die we pas gehad hebben. Terwijl het plantje ook nog door de buitenschilder totaal plat getrapt was; wat een veerkracht!  Door de zachte winter liep de natuur behoorlijk voor maar nu is er juist vertraging opgetreden in de groei- en bloeiprocessen, die zijn zelfs tot stilstand gekomen.

En wat doet het met de vogels? Hun normale ritme wordt verstoord door die uitzonderlijke weersomstandigheden. De eksters zijn al druk met hun nesten, net als de kauwtjes die luid ruzind bakkeleien over wie welk nest krijgt. Wat verderop in het jaar zullen ze weer gezellig met z'n alle in dezelfde boom zitten te broeden. Maar hoe zal het gaan met de broedsels van vogels, wanneer zullen de eerste eitjes uitkomen en zal er dan ook genoeg te eten zijn, genoeg rupsen op de jonge blaadjes. Afwachten maar weer en zien wat het wordt. Ik hoop zo dat de lente haar best gaat doen en het leven van de dieren alle kansen krijgt.....

14 maart 2018

Het vervelende van opruimen is dat je soms dingen tegenkomt waaraan je niet achteloos voorbij kunt gaan. In plaats ze in een doos te doen om afgevoerd te worden, laat je je verleiden er toch nog eens in te neuzen. In boeken bijvoorbeeld. Zo raakte ik verzeild in een boek uit 1942 dat verhaalt over alle mogelijke planten die in ons vaderland groeien. Ik stuitte op een bladzijde over sneeuwklokjes. In die tijd hadden sneeuwklokjes namen waarvan wij het bestaan niet eens meer weten: Melkbloem, Sneeuwdringer, Vastenavondzotjes, Somersottekens, Naakte Juffertjes, Witte tijdeloos. Wat leuk toch weer. Toch maar snel weer verder, er moet  weer ruimte komen in ons huis waar wij al zo lang wonen.....

De dag is te mooi om binnen te blijven dus toch maar even "de hort op". Het dichtst bij huis ligt het bos dus daar maar even een frisse neus halen. Overal liggen nog de slachtoffers van de zeer zware storm op 18 januari. Kerngezonde bomen knapten als luciferhoutjes en knalden krakend tegen de grond. Een gevelde naaldboom laat z'n  binnenste zien, mooi wit kernhout, vurenhout waarvan planken gezaagd worden. Van goede kwaliteit is het niet maar maar het kan voor allerlei doelen gebruikt worden.

Langs de bospaden maken machines soms wonden in boomstammen, zoals hier in een beuk. Het duurt wel even maar stilletjes maakt de boom zo'n wond dicht. Als het kernhout bloot komt te liggen maakt dat het indringen van schimmels en ziektekiemen mogelijk, alsook insectenvraat. De boom probeert om dit tegen te gaan het blootliggende hout te overgroeien.

Als een wond te groot is, lukt het vaak niet die helemaal te dichten. Hier heeft zich een mooie ronde "pleister" gevormd langs de wanden van de wond maar in het onbeschermde kernhout is goed te zien hoe insecten zich een weg vraten naar binnen. Bomen vertellen verhalen, op allerlei manieren, je kunt er een boek mee vullen.

12 maart 2018

Wildbeheereenheden zijn van mening dat vossen moeten worden afgeschoten om de weidevogels te redden van de ondergang. Maar elke jager weet dondersgoed dat de vos niet de hoofdoorzaak is van de teloorgang van de weidevogelpopulaties. Geef deze vogels hun biotoop weer terug, laat weer bloemrijke graslanden ontstaan, laat boeren hun akkerranden begroeien met vegetatie waar weidevogels kunnen broeden, hun jongen kunnen schuilen en die voorkomen dat de maaimachines hun moordend werk kunnen doen door samen te werken met vrijwillige vogelbeschermers die de nesten markeren. Vossen hebben niet alle een eigen territorium en elke vos die uit zijn leefgebied wordt geschoten, wordt meteen opgevolgd door een exemplaar dat daarnaar op zoek was. Jagers schieten niet alleen volwassen vossen maar vermoorden ook de jongen die in een burcht zitten. Opgeruimd staat netjes.

Een vroege Azalea waagt het er op en laat zich verleiden door het zachte weer. Bloemen hebben geen weet van naderende nachtvorsten. Citroenvlinders vliegen al volop maar veel te halen valt er nog niet in de natuur. Die moet nog steeds bekomen van de enorme klap die de voorbije vorst heeft uitgedeeld.

Inmiddels valt de avond en zie ik op een schoorsteen de merel zingen. Hij verkondigt dat de dag bijna ten einde is en dat hij dit biotoop claimt. Nu nog een vrouwtje dat hem als partner wil, die vindt hij wel hier in de buurt. Uit het bos klinkt een schot, er zal wel een uitgemergeld zwijn naar de eeuwige jachtvelden gezonden zijn. Ook hoor ik de zanglijster die zijn scala aan geluiden in het rond schalt. C'est la vie.

11 maart 2018

Ik vertel wel eens aan anderen dat ik het voorrecht heb te wonen bij een bosgebied van drie verschillende eigenaars, en dat wij van het ene gebied regelrecht  in het andere kunnen lopen. Je kunt dan heel goed waarnemen hoe verschillend het beheer er is. Hier ligt een mooi perceeltje met Hemlockspar. De bomen hebben fraai neerhangende takken en vooral als het licht gesneeuwd heeft bieden ze een sprookjesachtig geheel.

De Hemlockspar draagt heel kleine kegeltjes.

De drie bosgebieden die zijdelings aan elkaar grenzen zijn die van Stichting Twikcel, Middachten en Natuurmonument. Dit laatste bosgebied draagt de naam Hagenau en is mijn favoriet. Natuurmonumenten streeft hier naar een zo natuurlijk mogelijk bos en daar is het behaaglijk om te wandelen. In het eerstgenoemde bos dat de naam Hof te Dieren draagt, worden paden geschaafd, bladblazers ingezet als het herfst is en paden zoveel mogelijk gegaliseerd.

Twickel definieert haar bosgebied Hof te Dieren als  "het zoeken naar de balans tussen wildbeheer, recreatie, cultuurhistorie en houtproductie. Dat laatste is in dit gebied overduidelijk en het maakt het bos erg onaantrekkelijk. Dit wandelpad is versperd door twee bomen die er overheen vielen tijdens de storm van weken geleden.

Hoewel de motorzaag er aan te pas is gekomen om gevaarlijke resten van de boom weg te zagen, bleven de stammen gewoon over het pad liggen. Waarom niet even het pad vrij gemaakt, vraag je je daarbij af.

Een boom mag blijven liggen, tenzij hij van belang is voor de zagerij. Wat geen waarde heeft blijft in het bos achter en vooral de laatste jaren is dat een ietwat verloederd geheel gaan opleveren. Maar dat is mijn persoonlijke mening. Langs de paden is het een chaos van afvalhout en het kan niet anders dan dat dit veroorzaakt dat het gebied onaantrekkelijk voor het grootwild wordt. Wildbehee r...? Ik denk het soms echt. Men heeft hier niet veel op met herten die aan bomen knabbelen in de winter.

De Twickelse naamborden zijn nu verplaatst en staan een eind verderop in.......Hagenau! Door een bosuitruil - een kleine ruilverkaveling zou je kunnen zeggen - is een stuk van Hagenau nu bezit geworden van Twickel en de beheerder liet weten dat net nieuw verworven stuk snel een eenheid zal gaan worden. Ik hoop vurig dat dit alleen langs de Lange Juffer zal gebeuren (die loopt van de rijksweg in Dieren door het bos naar de Imbosch). Maar wandelaars hebben niets in te brengen en ik houd me maar voor dat het tenminste al fijn is dat er dicht achter onze huizen een bos ligt. Dat kan toch ook niet iedereen zeggen. Ik hoorde er vandaag trouwens de Zwarte specht, de Havik en de Zanglijster plus nog wat kleiner grut. En dat was toch ook wel weer heerlijk.

10 maart 2018

De Achterhoek (prov. Gld) moet de eerste regio worden waar boeren kunnen werken zonder kunstmest, zo las ik vanmorgen in de krant. Kunstmest doet planten groeien maar vermoordt het bodemleven. Na de tweede wereldoorlog begonnen chemische fabrieken dit product aan de man te brengen. Tegenwoordig dringt het langzaam maar zeker door dat er betere methoden zijn om gewassen te kweken. Voor dit nieuwe, door de EU gesteunde proefproject, hebben zich inmiddels tien boeren gemeld die mee willen doen. Een loffelijk streven want er moet echt iets gaan veranderen in de landbouw.

Zowaar vanmorgen weer eens een Keep (Fringilla montifringilla) in de tuin, dat was ook al weer lang geleden. Kepen doen wel wat denken aan de "gewone" vinken maar het verenpak is feller van kleur en ook verschillend. Dit is een man, hij alleen heeft een zwarte kop. Kepen zijn alleen 's winters in ons land te zien, het zijn broedvogels van het hoge Noorden. Al jarenlang gaat het minder goed met de kepen, daaroor staan ze ook op de Rode Lijst als "gevoelige soort". Beukennoten zijn het belangrijkste voedsel voor de Keep en daar die in mijn omgeving nauwelijks aanwezig waren, is het niet zo vreemd dat de vogel deze winter schitterde door afwezigheid.

De eerste bloeiende botanische narcisjes staan nu te pronken in de tuin en ik geniet enorm van dat vrolijke geel. Kleine soorten vind ik ook mooier dan de grootbloemige. Het fijne van die kleine bolgewasjes is dat ze je in het vroege voorjaar enorm veel plezier verschaffen en weer ondergronds gaan tegen de tijd dat de reguliere tuinplanten het overnemen.

9 maart 2018

Terwijl onze natuur zucht en lijdt onder de gevolgen van vermesting door een te grote veestapel besluit de Europese Commissie binnenkort of Nederland opnieuw veel meer mest mag produceren dan andere landen. Wie dat wil kan hiertegen bezwaar maken door het ondertekenen van deze petitie: www.dierenrecht.nl/derogatie

Opeens zijn de sijsjes weer terug, het zijn echte zwervers. Per dag moet je maar afwachten wat er langs komt vliegen. Ze zitten wel een kwartier lang te eten en worden weer opgevolgd door andere. Je ziet ze het meest in tuinen als de winter op z'n eind loopt. De populatie wordt in de winter aangevuld door sijsjes uit Rusland en Scandinavie en binnenkort zullen die de terugreis weer gaan maken naar hun broedgebieden. De trek is al in volle gang.

Het hangt helemaal af van de omstandigheden in de naaldbossen of sijsjes in ons land tot broeden overgaan. In gunstige jaren, wanneer er een goede zaadzetting is geweest, zijn ze het meest te vinden op de Veluwe waar veel sparren, lariksen en andere naaldbomen staan. Hoewel de man veel kleuriger is dan de vrouw heeft de laatste weer meer uitgesprokener streepjes. Aan het gekwetter van deze vogeltjes zou je niet meteen afleiden dat het zangvogels zijn. De Sijs (Spinus Sjpinus) behoort tot de vinkenfamilie.  Het kleine vogeltje heeft geen enkele moeite met het pellen van zonnebloempitten en het peuren van zaden uit Berk en Els. We genieten ervan, zolang het nog duurt.

Als een merel je recht aankijkt, ziet dat er heel koddig uit. Je kunt goed zien momenteel dat mannen en vrouwen minder agressief naar elkaar zijn. De broedtijd nadert en nu al voltrekken zich allerlei hormonale processen in de vogellijfjes. Begin volgende week wordt in onze tuin nog snel de klimop met beleid gesnoeid en hopelijk gaan de merels er dan weer broeden. Er was zoveel bloei deze herfst dat ik het snoeien nog even wilde uitstellen.

8 maart 2018

De hongerdood van grazers in de Oostvaardersplassen is het gesprek van de dag. Intussen heerst er ook serieus voedselgebrek op de Veluwe waardoor de zwijnen het momenteel zwaar te verduren hebben. Ik vreesde er al voor toen ik afgelopen herfst nauwelijks eikels en beukennoten zag. Vanaf december moeten de zwijnen het al zonder noemenswaardig voedsel doen en dat heeft natuurlijk nare gevolgen. De wegterende dieren worden voor zover ze gezien worden momenteel volop afgeschoten om ze uit hun lijden te verlossen.

De flora- en faunawet verbiedt niet om dieren in extreme situaties bij te voeren, hetgeen wel vaak beweerd wordt. Bijvoeren is wel verboden als het tot doel heeft een populatie te vergroten, bijvoorbeeld ten faveure van de jagers. Feitelijk komt het op hetzelfde neer, voeren verbetert de mogelijkheid te overleven. Een tafereel van zeugen met jongen zullen we waarschijnlijk in de komende tijd niet veel te zien krijgen gezien de erbarmelijke omstandigheden waarin de mogelijke moeders zich nu bevinden. Soms vindt het voortplantingsproces nog in de zomer plaats, nadat de dieren weer in goede conditie zijn geraakt. We zullen het afwachten.

Haviken hebben we in onze omgeving gelukkig wel, daar gaat het goed mee. Een belangrijke prooi voor deze vogel is de Houtduif. Deze duiven gaan gestaag omlaag in aantal, de totale populatie neemt jaarlijks met 15% af.  De reden is de vermindering van voedselaanbod, voornamelijk door de omschakeling van graan naar masteelt. De duiven zoeken hun heil tegenwoordig vaker in de steden. 

In de winter verblijven hier ook houtduiven uit Scandinavie en Duitsland, zij trekken in het voorjaar weer terug. Wij zien hier opvallend veel minder van deze houtduiven langs de Veluwezoom.

7 maart 2018

De vogels tierelieren er weer vrolijk op los en de spechtenroffels zijn volop te horen. Maar in deze tijd van het jaar, wanneer de winter naar het eind loopt maar de lente haar voedselschuur nog niet heeft geopend, hebben veel vogels het nog moeiljk en daarom is doorgaan met voeren heel belangrijk. Opeens zijn de groenlinen ook weer terug, vaak kun je er geen peil op trekken. Deze winter hebben we ze wel aanmerkelijk minder in de tuin gehad. Mooie vogels zijn het.

Oud brood voer ik aan de kauwtjes die in de grasstroken lopen te zoeken naar voer. Maar de laatste dagen komen daar opeens meeuwen op af. Met luid gekrijs dalen ze naar de bodem en hapsnap, weg zijn de stukjes brood. Linksonder een Kokmeeuw die al een geheel donkerbruin kopje heeft. De rest moet nog volgen.

De eerste Koolmees heeft zich al gemeld om de nestkast te inspecteren. Dat wil niet zeggen dat hier daadwerkelijk gebroed gaat worden. Het is altijd weer afwachten welk plekje de vogels prefereren. In onze tuin hebben ze meerdere keuzes maar deze hangt zo mooi in zicht......

Oh nee, dacht ik toen ik hem weer hoorde: de schreeuwmus die dus ook de winter weer overleefd heeft. Het is een mannetje dat solitair leeft en de vorige twee zomers maandenlang zat te roepen om een vrouwtje waarmee hij zou kunnen nestelen. We werden gestoord van dat aanhoudende schrille geroep. Nou, dat gaat dus opnieuw gebeuren. Ik ben er niet blij mee.

6 maart 2018

Op het raam landde een motje maar het was zo klein dat niet goed te zien was hoe het er precies uitzag. Dus even de macrolens erbij als hulpmiddel. Wat een fraai beestje, eigenlijk moet je al dat kleine grut door een vergrootglas bekijken om te zien wat je ogen zonder zo'n ding missen.

Het motje fladderde tegen het glas en wapperde ontzettend snel met de vleugeltjes. Toch is nog wel  te zien hoe het er dan uitziet.

Wie wil weten wat er allemaal aan insectjes rondvliegt op dit moment, moet de buitenkant van zijn of haar huis laten schilderen. Dat is hier gebeurd en op de natte verf landden diverse soorten die ik maar eens even heb gefotografeerd. Mooie vleugeltjes van een gedupeerd vliegje!

Net zo klein maar dan een geheel ander insect.

En hier een vliegje met mooie groene oogjes. Waarom voel ik nu geen medelijden bij het zien van al die in verf gestorven insecten en voel ik dat wel bij ijsvogels die naar visjes doken en onder het ijs vast kwamen te zitten? Daarvan zag ik meerdere foto's op het internet. Antwoord op de vraag: omdat onze geest rare en onbegrijpelijke dingen doet met een mens......

5 maart 2018

In n klap van de winter in de lente, zo leek het gisteren wel. Wat een verkwikkende zonnige dag en wat ook een heerlijke temperatuur. Met verbazingwekkende veerkracht herpakten de krokussen hun bloei, en wat hebben ze veel stuifmeel in de aanbieding.

De eerste honingbijen vlogen ook meteen en krioelden door de stampers van de bloemen. Deze bij moest er even bij gaan zitten om al die stuifmeelkorrels naar de korfjes aan zijn achterpoten te vegen.

Vliegen waren ook weer actief en in de lucht waren danszwermen te zien van kleine mugjes; ik kon niet goed zien wat het precies waren, misschien ook wel heel kleine vliegjes. Maar hoera, er komt weer leven in de natuurbrouwerij! Welkom, welkom!

4 maart 2018

Aan het eind van de winter zijn de bessen van de klimop rijp en dat is fijn voor de duiven en de lijsterachtigen. Dit jaar zit de klimop nog steeds boordenvol vruchten maar geen vogel meldt zich.

Wat zullen toch de voorbije stevige vorstnachten en de geselende oostenwind voor de planten betekend hebben, daar ben ik zeer nieuwsgierig naar. In de borders liggen de plantenresten erbij alsof er nooit meer iets nieuws uit zal groeien. De bloeiende primula's liggen voor dood tegen de grond en van de sneeuwklokjes zou je toch ook niet veel meer verwachten. Wat wel heel jammer zou zijn trouwens, want onze tuin staat er vol mee.

Ik heb een zo'n sneeuwklokje afgeplukt en binnen in een vaasje gezet om te zien of het zich kan herstellen en wat het zal doen bij aangenamere temperatuur. Het richtte zich wel wat op maar van de bloemen kwam toch niet veel meer terecht. Als je het bloempje fijn zou knijpen zou je ontdekken dat het eigenlijk helemaal niet wit is. Het is optisch bedrog: de kleurloze bloemblaadjes bevatten luchtcellen en doordat het invallende licht naar alle kanten wordt weerkaatst,  oogt het sneeuwklokje als wit. Een kleurloos bolgewasje dus dat door zijn vroege verschijning desondanks menig mens weer verlangend doet uitzien naar de nieuwe lente.

3 maart 2018

Toen ik 28 februari schreef dat ik de groenlingen miste deze winter, zag ik diezelfde middag een vrouwtje op de hangplank zitten. Groenlingen zie je altijd in groepjes, nooit alleen en dat was hier dus opvallend. Ze zat zich meerdere keren lekker vol te eten met zonnepitten die ze op haar gemakje zat te pellen.

Bij het vijverwak zag ik haar ook drinken. Ondanks het alleen-zijn ging het dus goed met dit vogeltje.

Maar toen kwamen twee Siberisch koude nachten en reken maar dat die veel vogels het leven gekost hebben. Het is bij vrieskou zo moeilijk voor die vogeltjes die maar zo weinig wegen, het kacheltje genoeg op te stoken om hun lichaampjes niet teveel te laten afkoelen. En daartoe moeten ze heel veel eten. Dat voedsel lag hier wel maar de kou was wel heel heftig en de vogel had alleen nog maar energie genoeg om heel traag een stukje van mij weg te hippen.

Nog een uur later zat de groenling erbij alsof haar laatste momenten aangebroken waren. Doodstil en met de oogjes gesloten. Altijd vind ik een stervend dier moeilijk om aan te zien. Ik legde wat zonnepitten voor haar neer die ik vast gepeld had en ik maalde wat pinda's in een oude koffiemolen. Die zitten boordevol vet en energie. Ik weet niet of de groenling er van gegeten heeft maar vanuit huis zag ik opeens dat ze wegvloog, de klimop in. Maar teruggezien heb ik haar niet meer dus ik toch vrees het ergste.

2 maart

Omdat dit de laatste ijsdag zou worden, die hopelijk een zeer koude week zou afsluiten, ben ik toch maar op de fiets geklommen om bij de IJssel te gaan kijken naar al het wintermoois dat ik daar verwachtte. Krant en televisie lieten immers schitterende beelden zien van boten vol ijsgordijntjes, basaltblokken met een ijsjas aan, dus mijn verwachting was hoog gespannen. Groot was dan ook de teleurstelling dat er langs de rivier helemaal niets te zien was. De begroeiing zag er doods en bevroren uit, geen opspattend water dat mooie sculpturen gemaakt had, het had zomaar een willekeurige winterdag kunnen zijn.

Na wat gezoek vond ik dit op een tak. Het ijs dateert duidelijk uit de periode dat het water veel hoger gestaan had. Echt mooi was het ook niet....

Aan de kant lag nog wat ijs op de stenen maar dat was dan ook alles. Nou, dan maar weer op de fiets gestapt om verder te gaan naar de plaatselijke ijsbaan.

Altijd leuk om die bedrijvigheid te zien van mensen op de schaats. Goed was te zien hoe weinig er nog maar geschaatst kan worden de laatste winters, de een na de ander viel op z'n gat.

Deze kleine meid had het zekere voor het onzekere genomen en een kruk van huis meegebracht. De kinderen van nu hebben heel wat beter materiaal dan wij vroeger. Met afschuw denk ik terug aan die eeuwig losrakende banden aan onze houten schaatsen en de ijskoude vingers die ermee gepaard gingen. Gisteravond laat hoorde ik de weerman zeggen dat hij er nog niet zeker van was dat de winterkou daadwerkelijk zou verdwijnen. Het komende dooiweekend zou maar zo een tussendoortje kunnen zijn. Nee toch, ik zie hoe de vogels het moeilijk hebben dus het weer mag van mij omslaan. Graag zelfs.

28 februari 2018

De koudste 28 februari ooit. Het wak in de tuinvijver houdt het aardig vol. De wind heeft er een mooi randje van ijsbergjes gemaakt en het bubbelende water trekt de hele dag door vogels. Maar het zijn er veel en veel minder dan in andere jaren met koude perioden. Afgelopen zomer werd er bericht over het snel afnemende aantal vogels op de Veluwe als gevolg van de stikstofuitstoot door veehouderijen en verkeer. Er werd vorig jaar ook alarm geslagen over het schrikbarend afnemen van insecten. Door eigen waarneming had ik dit zelf al gemerkt en er regelmatig over geschreven in dit dagboek. Zouden nu ook de vogels dezelfde weg gaan? Ik moet er niet aan denken. Zelfs de vluchten ganzen mis ik deze winter. Je ziet de vogels wel langs de rivier en in de uiterwaard maar het valt ook anderen op dat ze aan de winterlucht in ons dorp aan de IJssel niet te zien zijn.

Merelman en merelvrouw komen de hele dag door drinken. Wat zou het leuk zijn als ze hier zouden gaan broeden. Daarom verwen ik ze flink met havermout, gestampte vetbol en rozijnen.

Nu er af en toe geen natte maar droge sneeuw valt, hebben de vogels het meteen minder moeilijk. Ik zie ze regelmatig sneeuw naar binnen werken.

Een meeuw op de voertafel heb ik nog nooit eerder gezien. Meestal vliegen ze in groepen rond maar dit is een solitair, ik zie hem wel vaker. Hij pikte wat van de vetbolkruimels en ging toen op z'n gemak op n poot rond zitten kijken.

Ik heb ook deze winter veel vogels gemist: de kuifmees, de kramsvogel en de koperwiek, de boomklever, de goudvink en zelfs de groenlingen die hier vaak in de meerderheid waren kwamen nauwelijks langs. Mezen zijn er wel, mussen nog veel meer en ook vinken, die echte bosvogels zijn, komen doorlopend voorbij. Het blijft een verwarrende tijd en je vraagt je steeds af waar het allemaal heengaat.

Met een goudvinkfoto van een paar jaar geleden sluit ik de februarimaand af. Jammer voor de schaatsers dat de vorstperiode weer voorbij is maar ik ben er blij mee en snak naar het voorjaar. Hopelijk is er dan weer veel te vinden dat ik hier kan laten zien.

26 februari 2018

In maart gaat de Europese Unie stemmen over het al dan niet verbieden van meerdere soorten landbouwgif die dodelijk zijn voor bijen. In de afgelopen 50 jaar blijken er al 34 soorten wilde bijen te zijn verdwenen. Voor 80% van onze groente- en fruitsoorten is bevruchting door bijen onmisbaar. Bijen vormen slechts een deel van de totale insectenpopulatie die schrikbarend achteruit gaat. Langzaam maar zeker begint het door te dringen dat het zo niet langer kan. Er is zelfs een Nationale Bijenstrategie ontwikkeld om deze negatieve ontwikkeling in de natuur te stoppen. Op het internet loopt nu ook een petitie tegen het gebruik van neonicotinoiden.

De tuinvogels zijn nu zeer in het voordeel ten opzichte van de vogels in het wild, en vooral de watervogels krijgen het moeilijk als water dicht gaat vriezen. Het is nog niet overal zo maar veel ondiepere en kleinere waters hebben al een ijslaagje. Dit roodborstje kwam te dichtbij om in de lens te passen. Het leuke is dat het zo'n tam vogeltje is dat heel goed beseft, zo lijkt het wel, dat het voordelen biedt dicht bij de mensen te zijn. Ik snap nooit dat tijdens koude vorstnachten die dunne pootjes niet bevriezen.

Bij het vijverwak dat door het luchtpompje nog steeds wordt open gehouden, probeert een merelman een bad te nemen. Hij hipt er omheen maar nergens kan hij houvast vinden. Vanuit huis is het nu lastig te fotograferen dankzij de winterschilders die de ruiten behoorlijk vies hebben gemaakt en nu even pauze nemen tot de vorst voorbij is. Morgen dus toch maar even proberen om de spons erover te halen want er zitten steeds meer leuke vogels bij het water. Het kleine en ondiepe vijvertje in de tuin kan bij deze nachttemperaturen zomaar totaal bevriezen, vrees ik. Ik heb het maar bedekt met een stel tuinkussens in een plastic zak want ik weet dat er jonge salamanderlarven in zitten. Die overwinteren daar tot ze komend jaar volwassen worden.

Twee dagen geleden zag ik in de tuin dat het Longkruid van plan was te gaan bloeien. Maar toen de knoppen opengezet werden begon het stevig te vriezen in de nacht. Om de bloempjes toch nog een kans te geven heb ik ze binnen in een klein vaasje gezet. Pas nu zijn ze de klap enigszins te boven en vouwen de bloempjes verder open. Maar veel komt er niet van terecht, het blijven maar minuscule frutseltjes van slechts een paar millimeters doorsnede.

25 februari 2018

In de garage zocht ik naar fleecedoek waarmee ik een struikje wilde behoeden voor de naderende stevige vorst die voorspeld werd. Maar ik zag het al, de muisjes waren me voorgeweest en hadden niet alleen het voorraadje hazelnoten dat ik in de herfst verzameld had, opgegeten maar ook van het fleecedoek lekkere slaapplekjes gemaakt.

Van papier, uitgeplozen draadjes van het doek en wat plantenresten waren er heerlijk warme holletjes gemaakt. Ik zag het al voor me, zo'n bosmuis - want die zitten hier veel - behaaglijk opgerold in z'n dekbedje van materiaal dat niet voor hem bedoeld was. Ach, ik heb ze maar laten houden wat ze toch al in beslag genomen hadden en ander materiaal gezocht voor mijn struikje.

In een vergeten hoekje zag ik een slungelig opgeschoten bolgewasje in een pot staan. Het zal wel een narcis geweest zijn. De stelen zaten vol bladluizen die de winter niet meer hadden zien aankomen. Veel beweging zat er niet meer in....

In huis lagen de piepers in de kelderkast te snakken naar de lente. Ze willen de grond in en zoeken met hun uitlopers naar vruchtbare grond. Helaas, dat gaat niet lukken.

De piepers in de kelder, ik in de kamer, de vink die buiten ondanks de kou zijn befaamde vinkenslag in het rond schalt, we verlangen allemaal naar het voorjaar. Buiten staat nog geen tulp in bloei maar ik geniet met volle teugen van de prachtige bos die ik kreeg nadat ik voor mijn tuinclubmaatjes iets had verteld en laten zien over al die leuke beestjes die je gewoon in de eigen tuin, lente, zomer en herfst kunt zien. Ik word vrolijk van zulke bloemen. Opkikkertjes zijn het.

17 februari 2018

Even een weekje pauze.

16 februari 2018

Mijn blijdschap over het horen van een fitisliedje (14/2) blijkt niet terecht vanwege het feit dat deze vogel nog niet in ons land gearriveerd kan zijn, zo liet mij iemand weten. Het is een zomergast en de Fitis wacht nog een paar weken. Het schijnt dat het vaker voorkomt dat zijn liedje verwisseld wordt met dat van de Vink. Vreemd eigenlijk want ik vind beide liedjes niet op elkaar lijken. Maar inderdaad heb ik de Vink al een paar keer gehoord, dus wellicht heeft die mij door "opstartproblemen" van de wijs gebracht.

Een week geleden had ik al een paar bloempjes van het Speenkruid in een plaatselijke groenstrook zien staan en vandaag zag ik er weer een paar. Lekker fel kleurtje in deze tijd van het jaar en daar heeft een mens behoefte aan.

In het bos is het nog steeds erg winters hoewel de opbeurende knalblauwe lucht anders doet vermoeden.

Aan de ene kant van mijn pad de nog kale loofbomen en aan de andere kant de naaldbomen. Een gemengd bos is voor vogels heel aantrekkelijk maar nu is daar niet veel van te merken.

Richt je de blik weer naar beneden, dat komt de winter weer volop binnen. De zon is er vandaag niet in geslaagd de sneeuw overal te doen smelten. Ik zocht net eens naar gegevens over de boomklevers omdat ik ze nauwelijks hoor in het bos terwijl ze zulke echte communiceerders zijn. De soort doet het prima, breidt zich zelfs uit, dus daar kan het niet aan liggen. Afwachten maar.

15 februari 2018

De bloeiende bollen in de tuin hebben veel te doorstaan. Ze openen zich zodra de zon schijnt om weer te sluiten als het koud en nat wordt. Daar overdag de temperatuur boven de nul graden komt, blijft de sneeuw gelukkig niet lang liggen. En dat is niet erg omdat dit soort sneeuwval alleen maar narigeheid oplevert. Nat en glad en onveilig voor verkeersdeelnemers.

Dit waren dezelfde crocussen op precies dezelfde datum vorig jaar. Ik vond het grappig dat te constateren toen ik in mijn fotomappen keek.

En deze was van weer een jaar daarvoor op 16 februari. Ze bloeien dus consequent op dezelfde tijd en dat is ook wel eens leuk te constateren. We hebben vaak de indruk dat "niets meer hetzelfde is" in de natuur van tegenwoordig maar het bewijs van het tegendeel wordt dus geleverd door deze aardige bolgewasjes.

14 februari 2018

Blij verrast was ik toen ik vanmorgen een Fitis (Phylloscopus trochilus)haar of zijn melancholieke liedje hoorde zingen. Het klinkt met toontjes van hoog naar laag, waardoor het wat klaaglijk wordt. "Ik wil de lente maar het is nog zo koud.....". We hebben in de tuin weer een vast paartje merels waar ik heel blij mee ben. Ze komen steeds kijken of de rozijnen alweer zijn aangevuld. Wat minder schichtig dan in het begin maar toch nog niet zo tam als de merels die ik gewend was. Maar dat komt misschien nog wel.

De spechten in het bos timmeren er al een tijdje druk op los. Als je in het bos loopt is dat een heerlijk geluid want het was er wel erg stil. Ik realiseerde me dat ik nauwelijks het geluid van de boomklevers gehoord had de laatste weken. Boomklevers hebben altijd het hoogste woord, zomer en winter kun je ze horen, behalve nu. Bij het verzamelen van veel foto's voor een lezing, kwam ik ook een artikeltje tegen waarin stond dat vastgesteld was dat er steeds minder vogels op de Veluwe waren. Zou dat er mee te maken hebben?

Wat een verademing toch, zo'n dag met knalblauwe lucht. Als je in de gelegenheid bent moet je er meteen van profiteren en dat ga ik maar eens doen. Kijken of ik nog nieuwe tekenen van een naderende lente kan ontdekken.

12 februari 2018

Nu de winter vordert richting voorjaar zien we opeens weer de Groenlingen op de voerplank. Ze zijn er eigenlijk altijd wel, ook in de zomer, maar dit jaar toonden ze niet veel interesse in de zonnepitten. Het is dan ook  een zeer zachte winter. Het verschil tussen groenlingen en sijsjes is goed te zien. De Groenling is meer mosgroen en veel minder fel gekleurd dan de Sijs. Daarnaast heeft de Groenling een sterke snavel terwijl het sijsje een dun snaveltje heeft waarmee hij onder andere uitstekend de zaden uit de elzenproppen kan peuren.

Dit vind ik ook elk jaar weer leuk, het zien van de nieuwe donkere kopveertjes van de kokmeeuwen. Ze sjansen er al vrolijk op los en ik hoorde hoe ze allerlei lieve zachte geluidjes maakten. Parmantig liep de man achter het vrouwtje aan, haar druk het hof makend.

Toen we langs een wei liepen en dit koebeest zagen staan, merkte mijn kleinzoon op dat hij zich niet kon voorstellen dat "zo'n deken veel verschil zou maken". Ik moest er erg om lachen, alleen al om het idee dat de boer zijn beest met zoiets zou inpakken. Kleinzoon had ook plezier toen hij hoorde dat het om een Lakenvelder ging.

8 februari 2018

Wat zie ik daar in de Rozenstruik: een Sijs. En de vogel is niet alleen want in een ommezien zit er een aantal op de hangende vogelplank vol zonnebloempitten. Wat leuk dat ze er opeens toch weer zijn, dankzij de ingevallen vorst.

Even daarvoor zag ik een Zanglijster zitten bij de havermout die ik op de grond gestrooid had. Niet alle vogels voelen zich op hun gemak op een voertafel en als je daar rekening mee houdt, doe je soorten als deze er een plezier mee. Ik zal er nog wat rozijnen bij leggen, en wat van de vetbol. Zorg ervoor dat er niets over blijft aan het eind van de dag want ratten en muizen doen daar hun voordeel mee en die willen we niet in de tuin....

Ook het wak in de vijver, in stand gehouden door een eenvoudig luchtpompje, lokt veel vogels in de tuin. Bij droge vorst is daar veel behoefte aan.

7 februari 2018

Ach toch, wat hebben de primula's het te verduren. Zowaar staan ze er een paar uur later, als de zon op hun plek geschenen heeft, weer bij alsof er niets gebeurd is. Ze kunnen wel tegen een paar graden vorst maar als het echt hard gaat vriezen kunnen hun weefselcellen kapot vriezen en is het gedaan met de bloei.

De sneeuwklokjes lagen vanmorgen ook allemaal op hun smoeltjes op de grond. Gisteravond heb ik er snel nog een paar geplukt en in een vaasje gezet. Om de een of andere onverklaarbare reden vind ik het het toppunt van luxe om een vaasje vol sneeuwklokken te hebben. Misschien wel  omdat je ze niet kopen kunt. Eenmaal zo vlak voor je neus zie je hoe ongelooflijk dun het steeltje is waaraan de klokjes hangen. Bijna onvoorstelbaar dat ze de vorst overleven.

De vorst heeft als bijkomstigheid dat we zowaar weer merels in de tuin zien. Om precies te zijn: een vrouw en een mannetjesmerel. Deze zijn niet zo tam als ik gewend ben maar nu ze de uit elkaar gestampte vetbollen aantreffen, komen ze steeds terug.

Meneer Merel eet z'n buikje vol met rozijnen. Gelukkig maar, dan heb ik die niet voor niets voor ze aangeschaft. Ik hoop toch zo dat er heel veel merelbroedsels succes zullen hebben in het voorjaar en dat die nare virusziekte niet opnieuw de kop zal opsteken.
P.s.: het is 18.05 uur en ik houd mijn adem in, hoor ik het goed? Ja hoor, het is nog net niet donker, de lucht is ijsblauw en het vriest. En hij zingt, de merelman zit op de rozenboog en rijgt de ene toon aan de andere tot een melodieus zangfeest waar door de eeuwen heen mensen blij werden toen ze dat voor het eerst in het nieuwe jaar weer hoorden. Gelweldig!

De Boomklever zag ik sporadisch tot nu toe maar opeens is hij ook weer present. Ook deze vogel valt meteen aan op de vetbollen die hier zo makkelijk te verorberen zijn. De schaaltjes staan op meerdere plekken in de tuin zodat vanuit elk raam zichtbaar is wie er op bezoek komt.

3 februari 2018

In de tuin staan de cyclaampjes er zo prachtig bij. Uitgerekend nu er al zoveel voorjaarsbloeiers zijn, wordt er een periode met vorst verwacht. Dat zal helaas al die voorjaarsboden wel de kop kosten. Ik bladerde wat door het lente-album van Jac. P. Thijsse en las dat hij over dit bolgewasje schreef: de cyclamen vallen altijd op door de teruggeslagen kroonslippen die de bloemen op vliegende vlindertjes doen gelijken.

In een week tijds zijn overal Winteraconieten gaan bloeien. Dat vindt ik wel de vrolijkste van alle bolletjes en die altijd op het juiste moment verschijnen: als je de winter meer dan beu bent!

De Winterjasmijn heeft veel minder te lijden van de vorst doordat ze niet meteen alles ten toon spreidt wat ze in huis heeft maar heel gedoseerd haar knoppen opent. Daardoor kun je vanaf het begin van de winter tot tegen de lente van het vrolijke geel genieten. Geel hoort echt bij het voorjaar, let maar eens op.

Ik zag dat in de Hulst al volop bloemknoppen aanwezig waren. Gelukkig zitten ze nog dicht want ze staan nog lang niet op het programma nu te bloeien. Als dat wel zou gebeuren zouden er geen insecten zijn om de bloempjes te bestuiven en zouden er ook geen bessen volgen. Nu maar afwachten wat de natuur gaat doen. Voorlopig hebben we met al die bloemenplaatjes  een klein voorschot op de lente kunnen nemen.

31 januari 2018

Verbaasd was ik toen ik de blauwe bloempjes van Omphaloides verna ontdekte in onze tuin. Dit plantje heb ik nog nooit eerder in bloei gezien dan halverwege de maand maart. Het laat wel zien hoe de natuur in de war is.

Wat beleven we deze winter toch veel van die akelig deprimerende en kleddernatte dagen! Af en toe een zonnige dag om ons er aan te herinneren dat die toch echt ook nog bestaan, maar het merendeel van de dagen is prut. En dat nodigt niet uit om de natuur in te trekken. Bij het kanaal in mijn dorp ben ik even uitgestapt om deze foto te maken; die geeft een goed beeld van de huidige werkelijkheid: grijs, kaal en regenwolken die zich in het water spiegelen. Er was geen eend of waterhoentje te zien op dat moment.

Behalve merels lijken ook veel lijsters de dupe van het Usutu virus te zijn geworden.  Ze behoren tot dezelfde familie van lijsterachtigen. Ik geloof dat ik deze winter slechts tweemaal een zanglijster zag in de tuin. Hoewel ik mij in eerdere winters vaak ergerde aan het gedrag van de merels die voortdurend hun energie verspilden aan onderling geruzie, mis ik ze nu er maar heel af en toe een te zien is. Nu zijn ook de wintergasten nog hier maar als binnenkort deze merels weer naar het noorden terug vliegen zal over een poosje, wanneer de lente losbreekt, het merelgezang wel heel erg gemist worden.

28 januari 2018

Door de klimaatveranderingen begint de lente steeds vroeger en de herfst steeds later, blijkt uit jarenlang bijgehouden data. Al die veranderingen in weer en klimaat hebben invloed op flora en fauna, maar niet op alles. Zo is het verschil tussen het gedrag van vogels voor de ene soort verwaarloosbaar en juist groot voor bijvoorbeeld de koolmezen die afhankelijk zijn van de aanwezigheid van wintervlinderrupsen, hetgeen vroeger synchroon liep maar nu verschilt. Omdat door het warmere klimaat de rupsen eerder verschenen, vervroegden de meesjes het broeden. Maar ook de rupsen kwamen en komen weer eerder uit, dus hebben de vogels een probleem. Door de vele meldingen van waarnemingen door de jaren heen, kunnen dergelijke conclusies worden getroffen. Meedoen? Registreer je dan op en geef door wat je ziet. Info:  https://waarneming.nl/info.php

Deze Dagkoekoeksbloem (Silene dioica) groeit in onze tuin en ik heb hem een uur geleden gefotografeerd. De bloemen zijn bleekjes onder invloed van de lage temperatuur. Eigenlijk bloeit deze plant al bijna een jaar lang want hij is niet in winterrust gegaan. De plant kan vast of tweejarig zijn. In de herfst komt vaak een tweede bloei voor maar nu is de koekoeksbloem volledig de weg kwijt.

De eerste winterakonieten (Eranthis hyemalis) bloeien ook weer. Echt een bolgewasje voor de ongeduldigen onder ons die niet wachten kunnen op de lente. Geen wonder ook dat deze bolletjes gemporteerd werden uit Frankrijk, Itali en de Balkan waar hun oorspronkelijke groeiplaatsen liggen. Door die verhuizing worden de akonietjes nu tot onze Stinzenplanten gerekend. Binnen de kelkbladeren liggen kleine kroonbladeren die aan de bovenkant gesplitst zijn tot een soort bakjes waar honing in ligt. Aan de buitenkant van  meeldraden en stempels zie je ze zitten. Voor de vroeg uitvliegende honingbijen is de Winterakoniet een nuttige stuifmeel- en nectarplant.

Vanmorgen hoorde ik iemand van Vogelbescherming zeggen dat er meer mezen dan mussen gezien worden "omdat de mus nu eenmaal een vogel is die op de grond z'n voedsel zoekt". Dat was vroeger zo maar de mussen zijn ontzettend slim geweest en je kon de afgelopen jaren goed zien hoe ze steeds handiger werden in het bemachtigen van voedsel. Bij ons verdwijnt 95% van de pindakaas is mussensnavels. Ze hangen aan de trossen gierst, de vetbollen en de pindanetjes. Alles aangeleerd door het zien en nadoen van wat andere vogels doen. Knap hoor!

26 januari 2018

Ik geloofde bijna mijn ogen niet toen ik maar liefst vijf goudvinken samen in onze stokoude krentenboom zag zitten. Vorige winter zag ik er maar n, het jaar daarvoor twee, dus dit was "kicken". Kicken? Doordat onze taal tegenwoordig meer en meer met al die rare Engelse termen gelardeerd wordt,  vergeet je gewoon wat voor kicken een vaderlands alternatief is. Uit je plaat of uit je dak gaan? Ook al zo modern. Stuiteren van opwinding, nou dat is nogal overdreven. Mensen die nog normaal en correct Nederlands spreken lijken wel tot de laatsten der Mohikanen te behoren. Maar goed, we hebben het dus over goudvinken.,,,, Overigens is komend weekend weer bestemd voor de tuinvogeltelling die inzicht moet geven in de stand van zaken waar het onze vogelbevolking betreft. Bijzonderheden zijn te vinden op Vogelbescherming.nl

Wat een schoonheid is zo'n man Goudvink (Pyrrhula pyrrhula) toch. Je zou bijna "u" tegen hem zeggen want hij is de ster onder de vogels. Ze komen naar de krentenboom om de knoppen te eten. Ik kan niet zien dat die al zwellen maar dat moet dus wel het geval zijn. In het Engels heet hij Bullfinch vanwege zijn "stierennek" en daar kun je je wel wat bij voorstellen. Veel praatjes van betekenis heeft de vogel echter niet, hij produceert slechts wat onbenullige fluittoontjes. Het vrouwtje mist de oranje kleur, zij is met haar grijs-zwarte tenue nogal onopvallend maar ja, als je ergens een tijdje moet zitten broeden is dat natuurlijk wel handig. Daar is goed over nagedacht, zou je denken. Ik hoop dat ze snel weer terugkomen en ook de zonnepitten ontdekken.

24 januari 2018

Het klimaat lijkt de weg volledig kwijt te zijn met vandaag de hoogste temperatuur die op deze datum in ons land ooit gemeten is. Overal staan planten te bloeien, net als bollen. Ik veronderstelde dat ik ditmaal de vroegst bloeiende crocus in deze tijd zag maar dat blijkt niet zo want ik zag een bloeiende gele crocus eerder op 10 januari; dat was in 2015.

Dit zie je niet elke winter bij ons, een bloeiende Agapanthus. Maar dit jaar kan alles. De Agapantus is in ons klimaat  en in een gemiddelde winter met wat geluk wel buiten over te houden maar een bloem heb ik in januari nooit eerder gezien.

Weliswaar nog in de knop maar de Hertshooi (Hypericum) laat zich ook al in de maling nemen. Al die voortijdige bloei blijft vreemd om te zien. Ooit maakte Linnaeus een bloemenklok van planten die op een bepaald tijdstip in bloei kwamen en waardoor je precies kon zien in welke tijd van het jaar dat was. Kom daar nu nog eens om, in de natuur wordt het ene record door het andere opgevolgd en niets lijkt nog meer normaal te verlopen. Dat gevoel krijg je tegenwoordig tenminste.

Lekker dikke molshopen liggen er langs het water. De mollen hoeven niet diep te graven nu de wormen bij afwezigheid van vorst dicht onder de grond blijven. Maar in de opnieuw overstromende graslanden is het voor de mollen rampzalig, die sterven bij massa's. En mochten ze al weten te vluchten naar hoger gelegen gebied dan worden ze daar enthousiast opgewacht door grote vogels als reigers, kraaien en meeuwen. Die lusten er wel pap van!

21 januari 2018

Bovenaan deze pagina staat het verzoek onjuistheden in dit natuurdagboek te melden, en zo liet een lezer mij weten dat gisteren de informatie bij de pissebed niet klopte. Dank voor de melding! Wat blijkt: het kunnen geen eitjes van een pissebed zijn want die plant zich op een andere manier voort. Een vrouw pissebed beschikt over een broedbuidel, tussen het tweede en vijfde paar  pootjes, waar de eitjes in vier tot zes weken worden uitgebroed. De larven voeden zich in de broedbuidel met de uitwerpselen van hun moeder. Door het bewegen van de larven breekt de broedbuidel uiteindelijk open en komen de piepkleine, nog witte pissebedjes naar buiten. De dierenwereld blijft fascinerend en dagelijks kun je weer nieuwe dingen leren.

20 januari 2018

Hoera, de puttertjes (Carduelis carduelis) hebben onze tuin weer weten te vinden; ik keek al naar ze uit want her en der werden ze al gemeld. Vorig jaar ontbraken ze hier, het jaar daarvoor was het een maanden durend feest ze op de voerplank te zien en wie weet wat er dit jaar nog volgt. Ik wacht met spanning af want het zijn beeldschone vogeltjes. Wie in zijn of haar tuin wacht tot het voorjaar met het afknippen van planten - wat vaak al bij de eerste mooie dagen wordt gedaan - heeft de meeste kans om leuke vogels op bezoek te krijgen. Hier tonen de putters belangstelling voor de zaden van een clematis.

Een ongenode indringer op de muur van de huiskamer: een springspin. Ik heb hem gevangen en buiten gezet maar het fotograferen wilde niet zo lukken omdat de spin niet wilde blijven zitten. Veel mensen griezelen van alles wat pootjes heeft en daarmee kan rennen of springen maar vaak is dat totaal onnodig. Zo'n springspin is een wonder van techniek waar het alleen al de ogen betreft, geen mens kan daar aan tippen!  Op het voorhoofd zitten twee grote ogen die je niet kunnen ontgaan als je hem goed bekijkt. In totaal heeft de spin er acht: nog twee kleinere op het voorhoofd en op weerszijden van de kop ook nog twee kleintjes. Die grote ogen voorop werken voor de spin als een paar telelenzen, ze kunnen er geweldig goed mee zien. Doordat ze hun netvliezen naar voren en naar achteren kunnen bewegen, kunnen ze hun ogen goed instellen. Ook kunnen de netvliezen nog opzij worden bewogen zodat de spin zijn blik kan veranderen zonder te bewegen. Dat alles maakt hem tot een weergaloze jager.

Tijdens mijn rondje door de tuin tilde ik een steen op die op een houtblok lag en zag er de eitjes van een pissebed liggen. Die kun je op deze manier heel goed vinden.

Later in het jaar kun je er ook de vervellingshuidjes van de jonge pissebedden aantreffen. Dit zijn zeer nuttige diertjes voor wat betreft de vruchtbaarheid van de bodem. Ze leven in de bovenste strooisellaag en verteren daar dood hout en blad. Waar dat keurig netjes wordt verwijderd - zoals ik menig tuin - vreten de pissebedden noodgedwongen aan de wortels van planten. Pissebedden hebben veel vijanden: padden, duizendpoten, spinnen, kevers enzovoort. Allemaal nuttige soorten om een gezonde kringloop in stand te houden. In ons land kennen we 37 soorten in deze familie.

18 januari 2018

Op het moment dat ik dit schrijf is de storm gelukkig aan het afnemen. Wat een natuurgeweld! Deze tweede storm van dit jaar wordt "uitzonderlijk" genoemd, vanwege het feit dat hij midden in het land zo krachtig huishoudt. Toch waren er nog vogels aan het vliegen. Ik zag hoe een paartje Turkse tortels regelrecht tegen hun vliegrichting in, de krentenboom ingeblazen werd. Gelukkig dit keer hier geen vogels die zich tegen het raam te pletter vlogen. Behalve een aantal felgekleurde sliertjes die veelal om cadeauverpakkingen zitten, heb ik ook wat stroken van raamfolie geplakt. Die helpen heel goed de vogels op het juiste pad te houden. Hoewel een glanzend gezeemd en onbeplakt raam misschien fraaier is, vind ik het zo naar om dode vogels, of nog levende met gebroken ribbenkastjes te zien liggen zieltogen buiten, dat ik dat probeer te voorkomen.

Bij het fatsoeneren van mijn buitenkasje dat een eind was weggeblazen, vond ik tussen de schuimplaten een aantal gaasvliegen. De Groene gaasvlieg (Chrysoperla carnea) overwintert graag in huis, of zoeken ze vaak met honderden een onderkomen in kassen of schuren. Meestal zijn ze in de winter bruin verkleurd en worden weer groen als de lente aanbreekt. Vanwege de mooie ogen wordt dit gaasvliegje ook Goudoogje genoemd. Wie in de gelegenheid komt moet eens door een loepje naar die oogjes krijgen: prachtig!

De larve van de gaasvlieg is een geweldige bladluizenverdelger. Geen wonder dus dat ze in de kassen worden ingezet.

De eitjes van de gaasvlieg staan afzonderlijk op een stevig maar ragfijn draadje. Heel bijzonder en je moet er flink naar zoeken eer je het geluk hebt er een te vinden.  De larve die er  uitkomt bedekt zich met de huidjes van de leegezogen bladluizen,  zodat hij als prooi niet herkenbaar is.

17 januari 2018

In deze zachte winter houden de inktzwammetjes in onze voortuin het goed uit. Het ene groepje na het andere verschijnt. Deze paddenstoeltjes is geen lang leven beschoren.

Meestal zie je de inktzwam veranderen van vorm; het hoedje krult om en de zwarte inktachtige sporenmassa wordt zichtbaar. Maar hier grijpt de aanhoudende plensregen in en geeft de inkzwammen geen kans zich naar behoren te ontwikkelen. Het resultaat is iets dat meer op een vergaande hortensiabloem lijkt dan op een paddenstoel nu de hoedjes in filligraan veranderen.

In een glazen vaas die ik pakte lag een dood zilvervisje op de bodem. Deze beestjes kruipen overal in maar kunnen niet meer ontsnappen als de wand te glad is. Ik vulde de vaas met water, zette die op een  oranje stuk papier  zodat het lijkje boven kwam drijven en maakte er deze foto van. Alles is nog intact, zelfs de oogjes.

15 januari 2018

De dierenwelzijnsorganisatie Animal Rights bracht afgelopen week naar buiten dat wilde  spreeuwen door de Rijksuniversiteit Groningen worden gebruikt voor slaaponderzoek. De spreeuwen worden door middel van een hersenoperatie voorzien van meetapparatuur. Daarna worden de vogels wakker gehouden om de gevolgen van slaaptekort te kunnen meten.  Omdat de spreeuwen uit de natuur gevangen worden, meent Animal Rights dat de universiteit handelt in strijd met de Wet op de Dierproeven.

Niet alleen spreeuwen maar ook kauwen worden voor dit doel gevangen; de vogels worden in een jong stadium uit nestkasten gehaald. Het gaat om 250 wilde spreeuwen en 50 kauwen. Na het experiment worden de vogels niet meer vrijgelaten maar gedood. De universiteit laat weten niet in overtreding te zijn omdat er toestemming gegeven is door de Centrale Commissie Dierproeven. De universiteit schrijft op haar website dat zij naar ethisch verantwoorde keuzes streeft. Het zal best zo wezen  maar e.e.a. geeft toch een heel naar gevoel.

In de hoop de Specht te lokken, en de Boomklever, hing ik een smakelijke vetring op. Maar het zijn de mussen die er van eten. Af en toe ook mezen maar de mussen zijn hier de baas, ze zijn met vele hetgeen heel gezellig is te horen als ze druk kwetterend bezig zijn..

Ook deze winter zien we maar vrij weinig diversiteit aan vogels in de tuin. De vaste gast is de onvermijdelijke Roodborst. Bescheiden en ingetogen beweegt hij zich door de tuin, met wel altijd die vrijmoedige blik in de glanzende oogjes als ik hem fotograferen wil.

Met de mussen in deze omgeving gaat het prima. Overal vinden ze schuilplekken genoeg. Klimop is natuurlijk populair, net als Liguster maar ook in de warboel van takken die de Duitse Pijp heeft, zitten ze graag. En hoewel ze uiterst handig zijn geworden in het hangen aan pindanetjes en het kruipen in de pindakaaspot, vinden ze het ook wel prettig als er een schaal voer op de grond staat. Het zijn zulke leuke vogels!

Vinken horen bij het bos en daarom hebben we ze altijd op de voertafel of op het gazon. Hun dikke snavel wijst er al op dat ze echte zaadeters zijn. Terwijl de een het uit het voerhokje haalt, wacht de ander liever tot er zaden op de grond terecht komen. Zo krijgen beide hun zin. Kepen die, zo zou je kunnen zeggen, een verentooi hebben die net even wat kleurrijker is uitgevoerd, heb ik hier nog niet gezien. De winter lijkt te zacht om veel soorten naar in tuin te krijgen.

13 januari 2018

Een eikenblad heeft de bodem niet bereikt en hangt als een kleurig versiersel tussen wat kale takken. Voorlopig ontkomt het nog even aan het proces van afbraak en vertering. Eikenblad is behoorlijk sterk, het kan heel lang duren eer het op de bodem tot humus geworden is. Het meeste blad verteert veel sneller maar het hangt allemaal af van samenkomende factoren als vocht of droogte, temperatuur, looizuur in het blad, hard of zacht blad. In eikenblad zit veel looizuur (denk maar eens aan de zwijnen die maagpijn krijgen als ze heel veel eikels gegeten hebben) en het bodemleven heeft er een hele kluif aan dit blad te lijf te gaan. Schimmels, bacterin en bodemdiertjes zetten het blad uiteindelijk om in humus en vormt een waardevolle strooisellaag voor het minuscule maar o zo nuttige  bosleven.

Een paar dagen geleden vond ik de eerste rode kopjes op het Rood bekermos (Cladonia coccifera). Het zou geen mos moeten heten want het is een korstmos en dat is wat anders. Korstmos leeft dankzij een symbiose tussen  schimmel en alg. Het rode kopje op het mos is het sporen bevattende vruchtlichaam dat apothecea heet. Het groeit bovenop het bekertje van het mos maar dat kun je nauwelijks hier zien. Volgende week ga ik gewapend met mijn macrolens nog eens kijken of het zich al verder ontwikkeld heeft. Op de plek waar ik het wist te staan, gaat het helaas behoorlijk achteruit.

Kopjesbekermos (Cladonia fimbriata)is ook een bekermos, ik vond het langs een pad door het grasland. De Cladoniafamilie bevat naast de bekermossen ook nog de heidestaartjes en rendiermossen. In ons land worden zo'n 50 soorten aangetroffen. 

Groen bekermos, je ziet het op allerlei dode boomstronken en op de bodem, het is heel algemeen. Zoals opgemerkt is zo'n korstmos een samenwerkingsverband tussen schimmeldraden en algen. De schimmel zorgt voor de stevigheid van het korstmos en helpt uitdroging te voorkomen terwijl de algen, die vlak onder de opperhuid liggen, voedsel verschaffen aan de schimmel. In het kleine vind je vaak de mooiste dingen in de natuur. Daarom is het zeker de moeite waard om niet alleen vooruit te kijken maar ook de blik naar beneden te richten.

11 januari 2018

Ook in de IJssel is het hoogste waterniveau bereikt. Bijna onvoorstelbaar dat er elke seconde 6,5 miljoen liter water ons land binnenstroomt! Het is prachtig om te zien, die immense watervlakte, maar ook is het een catastrofe voor veel dieren. Een ontelbaar aantal regenwormen, muizen, mollen en insecten is door de overstroming van de uiterwaarden verdronken. En hoeveel hazen en konijnen zullen er niet het slachtoffer zijn geworden; vaak zitten die dagenlang in bomen te wachten tot het water weer zakt. Maar ook voor het wild, dat opgejaagd wordt door de zogenaamde hoogwatertoeristen, kan het nare gevolgen hebben. Zo verdronken er bij het veer in Renkum 50 schapen die - zo neemt men aan - voor honden op de vlucht geslagen waren.

Ze werden al in december gemeld: bloeiende narcissen. Dit is "mijn" eerste, ik zag hem staan in een groenstrook in mijn woonplaats. Niet beschadigd door de recente nachtvorsten maar met een puntgave bloem. Maar ja, we weten het allemaal: n zwaluw maakt nog geen zomer en zo is het eveneens met de planten.

Dit Blauwe druifje is er ook zeer vroeg bij. Het stond in de luwte onder een struik. Nog nooit in deze tijd bloeiend gezien.

Tijdens de laatste week van december en de eerste van januari werd een telling georganiseerd door Floron om aan de weet te komen hoeveel bloeiende planten er nog of al gezien werden. Het Madeliefje (Bellis perennis) stond bovenaan en kranten en andere media maakten er druk gewag van. Maar het Madeliefje is een plantje dat doorbloeit zolang het niet vriest dus de uitslag was wel logisch. Het plantje werd vroeger gebruikt ter bestrijding van allerlei kwaaltjes. Er werd over geschreven in oude legendes en de Franse koning Lodwijk IX liet het samen met lelies verwerken in zijn wapen. Een mooie combinatie. Het Madeliefje is een heel veel voorkomend plantje dat over de hele wereld wil groeien, zelfs tot op een hoogte van 2.400 meter. Maar in de tropen zul je het niet vinden, daar is het te warm.

9 januari 2018

De jaarlijkse kapbeurt heeft weer heel wat beukenbomen het leven gekost. Het bos is niet alleen "ter leering ende vermaeck" maar moet ook geld opbrengen. Een vervelende bijkomstigheid is dat die grote machines de bospaden zo vernielen dat je er maar met moeite nog over kunt lopen.

Een nuttig plasje in bosgebied Hagenau. De nachtvorst doet haar best het water te bedekken met een ijslaagje maar dat is nog niet geheel gelukt. Vogels, dassen, zwijnen, reen en herten maken er druk gebruik van. Soms ontstaan zulke poeltjes vanzelf, een andere keer doordat zwijnen er een zoelplek maakten of de beheerder er een afwateringskuil groef.

In een poeltje verderop zag ik eendenkroos, alleen hier. Dat heeft te maken met temperatuur. Zodra het gaat vriezen, zakt kroos naar de bodem. Het eendenkroos (Lemnaceae) is een soort die het laatst geclassificeerd werd in de groep hogere planten. Het behoort tot de bedektzadige planten; geen enkele andere soort uit deze groep heeft zulke gereduceerde orgaantjes als het eendenkroos. Het kan echter enorm hard groeien en in slechts vier dagen kan het zich verdubbelen en het groeit twintig maal zo snel als mas .Geen wonder dus dat vijverbezitters er niet blij mee zijn. Aan de andere kant: het haalt ook veel verontreinigingen uit het water; aan de wortels van het kroos kun je de zuiverheid van het water afmeten: hoe langer ze zijn, hoe schoner het water.

Afgelopen zomer beleefde het tweejarige Vingerhoedskruid een topjaar. Het heeft zich dan ook spectaculair uitgezaaid op de open plekken in het bos en dat belooft wat voor de komende zomer.

8 januari 2018

Zomaar weer eens twee aardige dagen er tussendoor. En nog wel met nachtvorst, dat hebben we nog niet veel beleefd deze winter. In  het bos moesten ijsveren te vinden zijn, dacht ik, dus maar eens op stap om te kijken.

Ze waren er wel maar ook heel minimaal. Het proces van vergaan van het dode beukenhout gaat gepaard met de uitstoot van vocht en rottingsgassen, zo zou je het simpel kunnen zeggen. Vriest het een paar graden dan bevriezen die. Hoe vochtiger het oude beukenhout en de buitentemperatuur zijn, hoe mooier de "veren" kunnen groeien. Hoe windstiller het dan is, des te fraaier de veren. Maar met deze oostenwind waaien de ijsdraden alle kanten op.

Op een beschutte plek vond ik dit takje met kaarsrechte ijshaartjes. Dat ziet er uit als zijde, zo glanst het, en het lijkt zo zacht als bont. Raak je het aan met je vingers dan smelt het weg als sneeuw voor de zon. Een prachtig natuurverschijnsel, ook al zie ik het elk jaar opnieuw. IJsveren worden ook wel ijshaar genoemd, of zelfs "de baard van koning winter".

Waar een jaar of wat geleden een enorme beukenboom geveld werd, zag ik voor het eerst ijsveren vanonder de bast tevoorschijn gekomen. Een teken dat ook deze oude reus aan een verdelgingsprogramma onderworpen is.

Elfenbankjes zie je het hele jaar door.  Deze groeien op de stam waar ik het hierboven over had.

Dit is ook altijd heel aansprekend, de door de rijp gesuikerde blaadjes die op de bosbodem liggen. Rijp zet zich allereerst af op de uitstekende delen, vandaar dat de rijp op de nerven en langs de randen het meest zichtbaar wordt.

6 januari 2018

De Hazelaar (Corylus avellana) bloeit extreem vroeg, die begon al halverwege december. Altijd weer prachtig zo'n boom met gordijnjes van hangende katjes. Zelf vind ik het altijd iets hoopvols geven, een vroege aankondiging van de lente die nog wel aardig ver in het verschiet ligt maar die toch naderbij komt.

De Hazelaar laat het stuifmeel uit de katjes los op het moment dat de vrouwelijke bloempjes ontluiken. Het is een windbloeier en zo vroeg in het jaar zijn er nog geen insecten die bij de bestuiving kunnen helpen. Dus is het wachten op een windvlaagje dat het stuifmeel naar de vrouwelijke bloempjes brengt. Dan pas kunnen er hazelnoten gaan groeien. Ik ontdekte aan de struik slechts een enkel bloempje, de rest verschuilt zich nog even diep in de knopjes want er kan nog van alles gebeuren voor het werkelijk groei- en bloeitijd is.

Er wordt momenteel veel aandacht besteed aan de extreem vroege bloei van allerlei planten. Vorige maand werd er al gemeld dat sering en bosanemoon bloeiden. Dat is opmerkelijk.  Echter is het in een zachte winter meestal niet een zaak van vroeg in bloei komen maar nog steeds doorbloeien. Ik zag het gisteren bij de viooltjes, de tuingeranium, de hortensia en het moederkruid. Meestal zijn de bloemen daarbij klein en wat onooglijk. Een goudsbloem die nog doorbloeit in januari had ik toch nog nooit gezien.

De Gaspeldoorn (Ulex Europaeus) is weer wel een struik die bloeit in deze tijd van het jaar. Op de Posbank in Rheden bijvoorbeeld kun je ze massaal zien staan en bij zo'n hoeveelheid kun je bijna niet geloven dat het hier om een Rode Lijstsoort gaat. Waar de Gaspeldoorn in ons land wel voorkomt, groeit hij meestal met vele. De bloemen vormen geen nectar, bijen kunnen er wel stuifmeel halen. Als de winter qua temperatuur verzaakt, kan de Gaspeldoorn heel lang doorbloeien maar de hoofdbloei valt tussen november en mei, dan is de struik overdekt met citroengele bloemen.

Gistermiddag de eerste voorjaarsroep van  man  Koolmees gehoord: Miepie, Miepie....! Het proces van paarvorming begint al heel vroeg in het jaar. In mijn papieren natuurkalender staat vaak de eerste voorjaarsroep vermeld in januari.

3 januari 2018

Gisteren ontdekte ik op een vogelvoerhuisje een massa insecteneitjes. Tenminste, dat dacht ik te zien bij een eerste oogopslag. Snel dus een foto gemaakt. Op het computerscherm zag ik al meteen dat het hier helemaal niet ging om eitjes maar om een slijmzwam. De ronde bolletjes die verschillen in grootte zijn de vruchtlichamen van de slijmzwam. Een slijmzwam wordt verdeeld in drie stadia. Allereerst vormen zich uit sporen eencellige organismen die samenklonteren tot een geheel dat zich voort kan bewegen. Deze massa wordt "plasmodium" genoemd. Wat er in zit wordt enige primitieve intelligentie toebedacht. Om het plasmodium vormt zich een vlies waarop uitstulpsels gevormd worden. Ze kunnen allerlei vormen hebben, knotsjes, bolletjes, soms bolletjes op steeltjes en ook hebben ze vaak mooie kleuren. Binnenin vormen zich de sporen die bij rijpheid worden losgelaten. Het hele proces speelt zich in weinig tijd af.

Een slijmzwam die Gewoon ijsvingertje genaamd is. Soms na een paar uren alweer verdwenen.

Een prachtige slijmzwam waarvan het vruchtlichaam op een kelkje lijkt. Deze heet dan ook "Franjekelkje".  Naar deze natuurwondertjes moet je echt zoeken; soms bijvoorbeeld een stuk vermolmd hout omkeren, zoals ik deze vond.

Nog een heel mooie slijmzwam: Glanzend druivenpitje. Het groeide op wat takjes tussen het mos. Dit is eigenlijk niet de tijd om ze te vinden, de drie bovenste foto's dateren dan ook uit de herfstperiode. Maar ja, met dit eigenaardige weer dat we nu weer hebben en een jaarwisseling die nog nooit eerder in ons land werd opgetekend als zo "warm", tja, wat wil je dan. Alles kan tegenwoordig.

31 december 2017

Alle lezers wens ik een veilige omschakeling naar  een voorspoedig Nieuwjaar. Nog even de wisseling van oud naar nieuw met al dat nare geknal en die vervuilde lucht, waarna we ons  weer hoopvol kunnen richten op de twaalf maanden die als een schone lei voor ons liggen.
Van vuurwerk houd ik niet: verder lezen

30 december 2017

Vanmiddag de laatste boswandeling van dit jaar maar eens gemaakt. Maar dat dit nou een genoegen was, niet echt. De bosbezitter heeft deze tijd van het jaar gepland om door te gaan met het herstel van de oorspronkelijke aanleg en het is een onbegaanbare toestand geworden. Modder, leem waarover je bijna uitglijdt, geulen waar blijkbaar een nieuwe bomenrij moet worden ingeplant, kapresten en kapot gereden paden. Dat is wat de argeloze wandelaar hier nu wacht.

De gemeente verstrekt hier gratis zogenaamde poepzakjes zodat hondeneigenaars de uitwerpselen van hun dieren netjes kunnen opruimen. Blijkbaar heeft hier iemand gedacht: waarom zal ik het eigenlijk meenemen als het hier toch al zo'n bende is....

Het bos ligt er akelig stil en verlaten bij. Geen vogel laat zich horen, de wind des te meer, en de tegen elkaar schurende takken van de oude beuken veroorzaken een onheilspellend geluid.

Overal ligt achtergebleven kaphout. Het is niets waard in de handel en opruimen kost geld dus wordt het gewoon langs de paden neergegooid waar de natuur het maar moet opruimen. De Gele korstzwam (Stereum hirsutum) is er als eerste bij om aan deze klus te beginnen.

Het enige levende wezen dat mijn pad deze middag kruist is een jonge Oranje naaktslak. Deze weekdieren hebben de gewoonte om tijdens de winterperiode op een stam te gaan zitten wachten op betere tijden. Dit jaar heb ik er opvallend weinig gezien.

Nog even een stuk kleddernat bospad over, dan ben ik snel weer thuis waar de kachel brandt.
Nog drie maanden wachten op de lente.....

25 december 2017

Fijne kerstdagen toegewenst.
Maar laten we niet vergeten bij de bomen, bij de stal
deze wens: dat ieder mens eens vrede hebben zal.

24 december 2017

De IJssel gezien vanuit Dieren richting Zutphen. Wat een enorme watervlakte is de uit haar oevers getreden rivier. Vanwege de toekomst, wanneer er nog veel meer water verwacht wordt als gevolg van het veranderende klimaat, moet er meer ruimte voor de rivieren komen. Wie dan ook met een boot over de IJssel vaart, wordt onaangenaam verrast door de begroeiing die inmidels langs de kanten verwijderd is om het uitstromende water de ruimte te geven. Het heeft de rivier een groot stuk van haar charme ontnomen maar de maatregelen zijn helaas onontkoombaar.

Op dit moment is het water alweer wat aan het zakken en komen stroken grasland weer droog te staan. De verdronken muizen en mollen en achtergebleven waterdiertjes  zijn een lekker hapje voor de vele zwarte kraaien die precies weten waar ze zijn moeten. Ganzen zijn er nauwelijks te zien. Die komen deels wel weer terug als het water nog verder zakt maar de intensieve afschot die in de afgelopen jaren heeft plaatsgevonden, is goed merkbaar. Alleen in de provincie Friesland worden jaarlijks al 200.000 ganzen gedood. Het landelijke aantal is duizelingwekkend.

De nieuwe pont die nog wel de oude naam "steeds voorwaarts" draagt is weer in bedrijf nu er weer aangeland kan worden, en af en toe vaart hij heen en weer als zich een passagier meldt.

Het dorp Dieren werd voor het eerst in 828 in de geschiedschrijving genoemd. De eerste eeuwen was de rivier niet eens zo belangrijk, de mensen van toen hebben zich veel meer gericht op het achterland, de Veluwezoom. Industrie was toen heel belangrijk. Er was wel een veerpont die in 1269 voor het eerst genoemd werd. Die voerde mensen vanuit de Veluwestreek naar de overkant waar de Achterhoek ligt. Een echt haventje was er nog niet, alles beperkte zich tot een eenvoudige loswal waar per schip aangevoerde waren werden opgehaald door paard en wagen. Dit schilderij uit 1921 geeft daarvan een romantisch beeld. Een haventje is er in Dieren nog steeds niet en de directe omgeving met nog altijd bestaande huizen is grotendeels hetzelfde gebleven.

22 december 2017

Van afwijkende groei- en bloeitijden kijkt geen mens onderhand nog op. In heel wat tuinen heb ik op dit moment bloeiende anemonen zien staan. Soms met heel vele. Het is een knolletje dat je in de herfst moet poten om in maart of april bloemen te zien. Ze zijn totaal de kluts kwijt.

In een piepklein tuintje zag ik deze bloeiende struik staan. Het is de Camelia sansangua "Natumi-gala". Ooit sleepte deze een prestigieuze prijs in de wacht. Enkelbloemige planten vind ik veel mooier dan dubbele, al is dat natuurlijk een kwestie van smaak. Maar de meeste camelia's die in de Nederlandse tuinen staan zijn me veel te overdreven. Helaas is deze soort die ik vandaag ontdekte nogal vorstgevoelig, je zou hem goed in een kuip kunnen houden en dan beschermd wegzetten zodra de temperatuur richting nul gaat. Wit met zachtroze blosjes, hij is wel heel aantrekkelijk.

Zo laat heb ik nog nooit een Nevelzwam (Clitocybe nebularis) gezien. In november nog wel, maar tegen het eind van het jaar is het een uitzondering. De zwam stond in een perkje langs de straat. Het is in feite een soort van loof- en naaldbos, dus dit vond ik ook al enigszins bijzonder. Het is volgens mij een van de mooiste paddestoelen. Uitgegroeid krijgen ze zwierige randen waardoor ze iets uitbundigs krijgen.

21 december 2017

Officieel is nu de winter begonnen. Dat is niet altijd op deze datum, ook wel eens op de 22ste december. Het is maar net of een jaar een schrikkeldag heeft en ook hoe de tijdsverdeling is. Maar vanaf nu gaan de dagen weer langzaam lengen. Omdat dit de kortste dag van het jaar is werd vroeger het "feest van de zonnewende" gevierd. De kerk maakte er Kerstfeest van. De kaarsen en de lichtjes in de kerstbomen doen nog herinneren aan vroeger tijden. Er zijn vele verklaringen over de oorsprong van de kerstboom. Deze zou bijvoorbeeld het symbool zijn van de vernieuwing van het leven en de eeuwige hoop. Een andere kerstkleur is traditioneel rood en dat zou weer verwijzen naar het bloed van Christus. Het is maar een van de vele verklaringen. Deze takjes zijn afkomstig van een conifeer die bij het huis van een tuinmaatje staat. Ik vind het een prachtige soort die ik nooit eerder zag en ik moet eens zien te achterhalen hoe de naam is.  De takjes die eerder in een krans verwerkt waren die buiten op de tuintafel ligt, ga ik nu gebruiken voor in een kerststukje. En zo dat de onderkant  met de witte tekening van boven zichtbaar wordt want ik vind dat echt prachtig.

In een tuin zag ik vandaag een Callicarpa vol bessen. Het is een kleurig schouwspel maar ook een beetje vreemd. Wat neppig vind ik de struik; misschien zie je hem daarom niet zo heel veel. Hij groeit oorspronkelijk in de bossen van West- en Centraal-China. De bessen verschijnen in de nazomer en zijn in deze tijd van het jaar op z'n mooist. De vogels hebben er geen belangstelling voor, ze smaken heel bitter. Maar in de wintertuin kan de Callicarpa toch wat vrolijkheid bieden.

Dit is er een die je wl in menig tuin ziet staan en dat is geen wonder. De Sneeuwbal Viburnum tinus is een fantastische bloeier en juist in de donkere dagen heeft een mens daar zo'n behoefte aan. Als de winter een beetje meezit bloeit hij door tot april. Met de aanschaf van deze struik krijg je dus waar voor je geld. Maar ja, het kan gaan vriezen of dooien en waar de een momenteel zegt dat voor hem of haar dit weer mag doorgaan tot eind van de winter, zegt de ander graag nog een flinke portie sneeuw te willen zien. We zullen wel zien wat het wordt.

naar boven